Stichting Ontmoetingspunt Willem van Oranje

Iconische ontmoetingsplek

Welkom bij de Stichting Ontmoetingspunt Willem van Oranje. De stichting is op 31 mei 2018 in Delft opgericht met het doel fondsen bijeen te brengen om ter gelegenheid van de realisatie van de Willem van Oranje Spoortunnel een ontmoetingspunt te realiseren voor Delftenaren en bezoekers aan Delft in de vorm van een fontein. Met het ondergronds verdubbelen van het op een viaduct gelegen spoortracé is de Willem van Oranjetunnel ontstaan. Met de realisatie van deze tunnel is de stad geheeld en het openbaarvervoersknooppunt enorm verbeterd. Een groot aantal partijen heeft eraan bijgedragen om dat met zo min mogelijk overlast voor elkaar te krijgen. Een belangrijk project voor Delft. Om de voltooiing hiervan te markeren en ook bovengronds een zichtbaar icoon in Delft te realiseren heeft de aannemerscombinatie Crommelijn, die de spoortunnel heeft gebouwd, toegezegd bij te dragen in de financiering van de fontein met de bronzen beelden van belangrijke Delftenaren. Het restant proberen we via de stichting bij elkaar te brengen. Doel is het creëren van een iconische ontmoetingsplaats, de kosten worden geraamd op 180.000 euro.

Er is een bijzondere locatie gevonden in de Hortus Botanicus van de Technische Universiteit Delft. Een inspirerende plek waar techniek, natuur en geschiedenis samenkomen. De Hortus Botanicus Delft is in 1917 opgericht als Cultuurtuin voor Technische Gewassen. Bij de ingang aan de Kanaalweg is een aanlegplaats voor rondvaartboten gepland. De beoogde plek voor de fontein is dichtbij deze ingang en tegenover het nog te realiseren paviljoen.

Stichting Museum Van Marken, Expertise Platform Water en de Hortus Botanicus van de TU Delft werken samen aan twee projecten die mede mogelijk gemaakt zijn door Stichting Gebiedsfonds Delft Technology Park en provincie Zuid-Holland. Het project ‘Paviljoen het Groene Lab’ zal de geschiedenis van de Van Marken fabrieken en de Hortus Botanicus zichtbaar maken in een circulair paviljoen dat deze zomer klaar zal zijn en geïn­spireerd is op de oude Van Marken paviljoens. Het paviljoen biedt ruimte voor exposities over de geschiedenis van de Hortus Botanicus en Van Marken en ontmoetingen. Vanuit project Het Groene Lab zijn door leerlingen van het Mondriaancollege plantenbakken gemaakt bij het paviljoen waar olie-leverende planten staan. In het verlengde van het project hebben ze ook nog 20 andere dezelfde bakken voor de hortus gemaakt waar andere technische planten in staan zoals vezel-, verf- en suiker- en zetmeelplanten. Een extra motivatie om deze mooie tuinen te bezoeken!

Oud en nieuwe trekvaartroutes terug op de Delftse Schie

Het project ‘Oude en nieuwe trekvaartroutes terug op de Delftse Schie’ heeft als doel de historische trekvaarten door Delft weer zichtbaar en herkenbaar te maken met vaar-, fiets- en wandelroutes langs oude, huidige en nieuwe op- en afstapplaatsen. Van Marken vestigde in de 19e eeuw veel van zijn bedrijven langs de Schie, sinds de 17e eeuw de indus­triële ader van Delft en omstreken. Rond de eeuwwis­seling volgden ook universiteitsgebouwen en andere bedrijven. De geschiedenis van de trekvaarten in Delft wordt nieuw leven ingeblazen met diverse op- en afstap­plaatsen langs het Rijn-Schiekanaal, informatiebor­den, vaar-, fiets- en wandelroutes met uitleg over de plekken en arrangementen. Bij de entree van de Hortus Botanicus aan de Kanaalweg is inmiddels een nieuwe op- en afstapplek gerealiseerd.

De Hortus Botanicus Delft ligt op een kruispunt tussen de Oude Binnenstad en de TU-wijk. Tot voor kort alleen ontsloten vanaf het Poortlandplein, maar de Hortus Botanicus Delft wil een duidelijkere verbinding met de stad realiseren. Met de nieuwe ingang aan de Kanaalweg krijgen bezoekers vanuit de stad toegang tot een oase van rust. Op deze plek wordt een unieke ontmoetingsplek gerealiseerd. Meteen na binnenkomst wordt de fontein, met alle prominenten Delftenaren die de stad mede hebben vormgegeven, het kloppende hart van de tuin. Er tegenover komt een paviljoen, waar thee en andere versnaperingen genuttigd kunnen worden.

Vanaf de binnenstad Delft zal het in de toekomst ook mogelijk worden om met de boot naar de Botanische Tuin te gaan.

In de 13e eeuw was er een heel belangrijk moment. Op voorspraak van Vrouwe Ricardis kreeg Delft in 1246 stadsrechten. Toen kon de stad zich echt gaan ontwikkelen. Delft groeide en werd omringd door stadswallen, muren en poorten. De stad was hierdoor goed te verdedigen en daarom koos Willem van Oranje in 1572 voor Delft als woonplaats.

In die tijd was Pieter van Foreest stadsgeneesheer van Delft. Hij behandelde patiënten uit alle lagen van de bevolking en tot op de dag van de moord was hij lijfarts van Willem van Oranje.

Door de aanwezigheid van Willem van Oranje ontstond in de stad een andere sfeer. Delft trok wetenschappers en kunstenaars aan die het klimaat in de stad beïnvloedden. Hugo de Groot, Johannes Vermeer, Anthoni van Leeuwenhoek en Reinier de Graaf leefden hier in de Gouden Eeuw. Zij hebben Delft op de kaart gezet als stad van innovatie en wetenschap.

De 18e eeuw was een periode van achteruitgang, maar in 1864 werd, als opvolger van de Koninklijke Akademie voor ingenieurs en Indische ambtenaren, de Indische Instelling opgericht. Hier werden studenten opgeleid tot bestuursambtenaar in Nederlands-Indië. Toen dit opleidingsinstituut werd opgeheven in 1901, kwam daaruit de Polytechnische School voort, voorloper van de huidige Technische Universiteit Delft.

De TU Delft heeft veel beroemde wetenschappers voortgebracht, waaronder Jacques van Marken, die met zijn echtgenote Agneta Matthes een groot aantal fabrieken in Delft heeft opgezet en een sociaal ondernemer was. Samen hebben zij ook het beroemde Agnetapark gerealiseerd voor de arbeiders die bij de Gist- en Spiritusfabriek werkten.

In 1847 werd in Delft de spoorlijn aangelegd, net buiten de voormalige stadswallen. Mede door de verbeterde bereikbaarheid werd Delft weer een bloeiende stad, met veel ontwikkelingen in kunst en wetenschap. De stad maakte een enorme groei door, evenals de universiteit.

De stad en onopvallende details uit het straatbeeld van Delft waren ook een inspiratiebron voor Jan Schoonhoven. Hij woonde zijn hele leven in Delft en werkte in zijn huiskamer aan zijn beroemde witte reliëfs.

Aan het begin van de 20e eeuw telde Delft 18.000 inwoners, aan het eind 96.000. Deze groei maakte uitbreiding van het spoor noodzakelijk. Het spoorviaduct dat Delft in tweeën sneed werd afgebroken en in 2015 is de spoortunnel in gebruik genomen. Daarmee is er een verdubbeling naar 4 sporen gekomen, ondergronds gelegen langs de historische binnenstad. Een technisch hoogstandje!

Beelden op de fontein in de tijd geplaatst:

Vrouwe Ricardis                          1210-1262

Pieter van Foreest                       1521-1597

Willem van Oranje                       1533-1584

Hugo de Groot                             1583-1645

Johannes Vermeer                      1632-1675

Antoni van Leeuwenhoek          1632-1723

Reinier de Graaf                           1641-1673

Jacques van Marken                    1845-1906

Agneta Matthes                           1847-1909

Jan Schoonhoven                         1914-1994


Het ontwerp

De fontein wordt voorzien van bovenstaande historische figuren die allemaal een belangrijke relatie hebben met de stad Delft. Een mooi visitekaartje voor de stad en een plek waar je als bezoeker van de stad kunt bijkomen na een lange stadswandeling. Er zijn veel historische figuren uit Delft die daar een plek zouden kunnen krijgen. Delft heeft immers veel belangrijke figuren in de geschiedenis voortgebracht. Het is ook goed om daar soms even bij stil te kunnen staan.